fietsroute-door-rusland

Afbeelding 1 van 1

 

Lange wegen

Na enkele op één volgende controleposten en het daarbij behorende papier- en stempelwerk staan we zonder problemen in Rusland. De pakjes sigaretten die we hebben ingekocht om eventueel grensbewakers om te kopen waren overbodig. Net als het verstoppen van onze camera’s, telefoons en cashgeld. Net over de grens stoppen we in het plaatsje Popovka, we wisselen ons geld en kopen enkele boodschappen om prijzen te vergelijken. Rusland lijkt een stukje goedkoper dan Ukraine. Omgerekend is 40 Russische Roebel €1,-.

Rusland ligt gedeeltelijk in Europa en gedeeltelijk in Azië. Het ligt echter vanuit politiek perspectief in Europa. Het is met een oppervlakte van 17.098.242 km² het grootste land ter wereld. Toch is Rusland niet het land waar wij de meeste kilometers doorheen fietsen. Dit zal afhankelijk van het visa; Kazachstan of China worden.

Inmiddels aangesloten op wegnummer M-21 volgen we de borden richting Volgograd. De landschappen strekken zich uit en worden leger. Heuvels trekken zich lang en de wind blijft, net als in Ukraine, onze vijand. Het is dan ook moeilijk op het laatst van de dag een beschutte kampeerplek te vinden. We stranden in het hoge gras en zijn niet alleen. Net als wij zoeken ook veel insecten beschutting tussen het gras. We kruipen vroeg in de tent. Daar schrijf ik een stukje in mijn dagboek en bekijk het nieuwe geld. Ik ben tenslotte Minister van Financiën deze reis.

Onze 2e dag in Rusland zit vol met mooie uitzichten. Als kleine objecten fietsen we door de enorme heuvelige vlaktes. Opnieuw passeren we een bord met de tekst Volgograd. Aangeduid met een afstand van 400 uitgestrekte kilometers. Het enige om ons heen zijn lange spoorlijnen waar goederentreinen tonnen en tonnen olie vervoeren. Als kleine rupsen kruipen ze over de horizon. Na veel ploeteren stranden we die avond in een klein, vies truckersmotel aan de rand van Belaya Kalitva. Na een kom Borsjtsj (rodebietensoep) en een bord shaslicks sluiten we de avond af met een pilsje op het terras.

In de vroege ochtend verlaten we het plaatsje en steken een brede rivier over. Na de brug staan borden van 50% stijgingspercentage aangegeven. Verbazingwekkend knip ik een foto van het ongelooflijke percentage. Het terrein blijft uitgestrekt, de treinen blijven ons volgen en de heuvels houden aan. In een klein dorpje kopen we boodschappen en wisselen onze laatste Grivna’s voor Russische Roebels. Het dorpje ziet oud, vervallen en even sta ik stil bij het zien van spelende kinderen. Wat heeft het dorp hun nog te bieden? Alles lijkt al 100 jaar stil te staan en hun toekomst lijkt toekomstloos… Het eerstvolgende dorp ligt 60 kilometer verderop en de stad minimaal 300 kilometer. Deze afstanden zijn zonder auto nauwelijks bereikbaar. Met deze gedachten maken we een dag van 81 kilometer. Helaas vinden ook wij dit keer een toekomstloze nacht. Na veel zoeken bouwen we de tent op langs een spoorlijn, waar elk half uur een zwaarbeladen goederentrein voorbij dendert.

Ondanks dat de dienstregeling teruggedraaid is naar één keer per uur verloopt de nacht bar slecht. Gelukkig kan ik de volgende dag wel genieten van de mooie vlaktes. In Chernyshkovskiy, het enigste plaatsje op de kaart, houden we middagpauze en zoeken nieuwe boodschappen. Ook hier lijkt alles uitgestorven maar krijgen we hulp van enkele jongeren die redelijk Engels spreken. We volgen hun Landrover richting een geopende winkel maar komen uit in een smalle donkere steeg. Daar bieden ze ons drugs aan en de behulpzaamheid krijgt een oncomfortabele wending. We gaan er niet op in, vinden om de hoek een winkel en enigszins overstuur ben ik blij dat we weer onderweg zijn. We fietsen nog zeker 30 kilometer door en zoeken een slaapplek tussen de struiken. We sluiten de avond af met een mooie zonsondergang op een landbouwveld.

 

Wolgograd

De dag erna is het slecht weer. De tegenwind en de motregen verplichten ons de regenkleding aan te trekken. Net op zo’n dag moet je ook nog eens zes kilometer omfietsen om in een dorp boodschappen te doen. Terwijl Wouter in het kleine winkeltje avondeten bij elkaar verzamelt fotografeer ik de omgeving. Daarna is het weer vechten tegen de wind en de langgerekte heuvels. Al dagen lang bevinden we ons op dezelfde uitgestrekte vlakte, met aan het einde van de horizon het zelfde graslandschap als een meter naast ons. Het geeft letterlijk veel ruimte om na te denken en het is een prima gelegenheid om enkele woorden Russisch te leren. Al blijven sommige plaatsnamen moeilijk… (ΠЯTИИӠБЯHOBCKИЙ) We steken rivier de Don over en naderen langzaam Volgograd. Voor de brug treffen we enkele Duitse motorrijders die net terug keren van een rit uit Kazachstan. We wisselen onze ervaring uit en vinden aan de overkant een prachtige slaapplek. Daar genieten we van het uitzicht over de statige, witte brug die vanuit de heuvels het vlakke landschap aan de overkant verbind. Ook hier krijgen we ’s avond bezoek van enkele vissers. Alleen kun je hun manier van vissen beter stropen noemen. Met bootjes en netten trekken ze er op uit als het donker begint te worden.

We verlaten onze slaapplek in alle vroegte. Dit om de ergste warmte voor te zijn, maar ook om op tijd aan te komen in Wolgograd. De weg kruist vele kleine herdersdorpjes en volgt voor de rest de spoorlijnen, die ook richting de stad leiden. Volgograd werd in de 2e wereldoorlog volledig verwoest. Als herinnering hebben ze een immens Vrijheidsbeeld geplaatst. Van ver zien we het beeld staan en wringen ons langzaam tussen de stadsdrukte, op zoek naar een goed hotel. De zoektocht neemt de rest van de middag in beslag en uitgerekend op een drukke vierbaansweg krijg ik mijn eerste lekke band.

Op 21 mei zullen onze vriendinnen arriveren voor een driedaags bezoek. Ik kijk er naar uit om mijn meisje weer te zien. Maar voor die tijd hebben we vier dagen om de stad te verkennen, kleren te wassen en onze fietsen een beurt te geven. Wolgograd is gelegen aan de Westkant van rivier de Wolga en staat voor vele bekent als Stalingrad. In de 2e wereldoorlog werd de beslissende veldslag “slag van Stalingrad” uitgevochten. Door de slag kent de stad veel historische hoogtepunten die de moeite waard zijn voor een bezoek. Wij bezoeken onder andere het Vrijheidsbeeld, het station, enkele grote pleinen, een binnen- en buitenmarkt en genieten verder van goed eten en terrasjes.

Het is 21 mei. Met behulp  van onze hoteleigenaar halen we de meiden op van het vliegveld. De beloofde taxirit van 30 minuten loopt uit tot een rit van 1,5 uur. Gelukkig zijn we nog op tijd om ze te ontvangen. Toen ik Yvette in mijn armen nam kreeg ik het gevoel al maanden van huis te zijn. Toch is het pas een kleine twee maanden geleden dat we vertrokken. Al snel blijkt dat er veel  bij te kletsen is en te weinig tijd om alle hoogtepunten te bezoeken. In drie dagen tijd bezoeken we het Vrijheidsbeeld, oude metrogangen, het oorlogsmuseum, het station bij avondlicht en de statige boulevard langs de Wolga. Verder genieten we vooral van het samen zijn en kletsen we urenlang op terrasjes. Tussendoor zoek ik contact met thuis om mijn moeder te feliciteren en bel naar enkele vrienden.

 

Van groen naar steppe

Op 24 Mei nemen we afscheid van de dames en steken de Wolga over. Wederom is het afscheid moeilijk, maar met plezier kijk ik terug op de afgelopen dagen. Langzaam komen we in aanraking met een dorre wereld. Onze zwaarbeladen fietsen worden overtroffen door een Rus met een fiets vol oud ijzer. Onderweg vullen we onze benzinebrander, bij een afgelegen tankstation en komen daarna in de lege wereld van de Steppe. Drooggelopen rivieren en brede scheuren in een wereld van zand is wat er over blijft van het landschap. Ook is het gebied nagenoeg vlak waardoor de wind vrij spel krijgt. Een beschutte slaapplek zit er dan ook niet meer in en we plaatsen verschillende dagen onze tent op winderige vlaktes waar reptielen de baas zijn. Onderweg fietsen we langs veel dorpen; dorpen zonder faciliteiten zoals winkels of stromend water. Mensen leven er van eigen vee en karige gewassen.

De lange, rechte wegen door het dorre landschap maken veel indruk. Zulke grote leegte heb ik nog nooit gezien. Het landschap kleurt rood/bruin en ik geniet volop! In diepe gedachten verzonken schrik ik wakker van een bewegende tak. De tak blijkt een slang van één-meter-tachtig en ligt aangereden op de weg. Bijgekomen van de schrik vervolgen we onze route. Elke dag kijken we nauwkeurig op de kaart om de kleine dorpjes voor boodschappen niet te missen. De meeste dorpen hebben veel weg van een cowboyfilm. Dit maakt het elke keer spannend of ze wel een winkel hebben. Zo slaan we de gastvriendelijkheid van een kop thee in een klein winkeltje niet af. Met het vooruitzicht van 60 lege kilometers is elke druppel vocht welkom. Op enkele passerende vrachtauto’s en kleine plagen sprinkhanen zijn we de enigste op de weg. Het landschap blijft golven en tussen de dorre vlaktes bevind zich soms een zandweg naar niemandsland. Langzaam naderen we Astrakhan en verschijnt er meer leven om ons heen. Grotere dorpen, wilde paarden en schaapsherders die honderden schapen en geiten over de weg leiden. In de verte ontstaan spoorwegen die ook aanduiden dat we een stad naderen. Nog eenmaal zoeken we een slaapplek langs de kant van de weg. Verscholen tussen het heuvelige steppelandschap brengen we de nacht door. Elke avond worden we weer beloond op een schitterende sterrenhemel. Duizenden lichtjes hangen boven de tent en flikkeren in de stilte van de nacht.

Astrakhan is omringt door tientallen rivieren. Rivier de Wolga splitst zicht en vormt een groene delta die uitmond in de Kaspische Zee. Dit is het leefgebied voor kikkers, slangen en schildpadden. Op 28 mei fietsen we de stad binnen en plannen een rustdag. Pas vanaf 1 juni mogen we Kazachstan binnen. Het vijfde land, nog maar honderd kilometer van ons vandaan en telt misschien wel de meeste kilometers. In Astrakhan bezoeken we een vismarkt, lopen per toeval tegen een oude woonwijk die pal naast een gigantisch paleis ligt. Armoede en rijkdom kruisen elkaar hier pijnlijk. Aan de Westkant van de stad bezoeken we de Kremlin. Een kerkgebouw in typisch Russische bouwstijl gebouwd tussen 1580 en 1620. Buiten al de historie kunnen we ook weer eens genieten van McDonald’s en vele terrasjes.

De dertigste mei verlaten we het stadsleven en maken we kennis met de eerste zandwegen. Bruggen worden drijvende wrakken (Pontonbrug genoemd) en wegrestaurantjes lijken meer op onhygiënische vreet schuren. Vanwege de warmte eten we bijna elke middag in zo’n schuur een heerlijke kom zoute Borsjtsj. We fietsen vrolijk onze laatste meters door Rusland en zien enkele borden die de grenszone naar Kazachstan aangeven. Tot onze grote verbazing komen we er achter dat mei 31 dagen telt en wij ons één dag verteld hebben. Teleurgesteld fietsen we terug naar het laatste dorpje Krasny-yar en brengen een dag en nacht door in een hotel. We doden de tijd met lezen en het maken van een grove planning voor Kazachstan. Er is niets te beleven in het wildwesten dorpje.  Zo vertrekken we de 31e, met nieuwe boodschappen van onze laatste Roebels, opnieuw richting de grens.

We naderen Kazachstan, het land wat net zo groot is als de afstand die we tot nu toe af gelegd hebben! 4350 kilometer zweten, over onverharde wegen, in onmenselijke temperaturen staat ons nog te wachten…